3. Goede intake

Wat is dit?

Deze succesfactor hangt nauw samen met de succesfactor ‘maatwerk’. Hij is als het ware het visitekaartje voor de taalaanbieder en de wijze waarop maatwerk gestalte krijgt.  Door bij de intake het uitstroomdoel en het beginniveau van de cursist vast te stellen kan de taalaanbieder een traject samenstellen. Ook randvoorwaarden moeten besproken worden: heeft de cursist de kinderopvang kunnen regelen, wat zijn zijn eventuele werktijden, wie gaat de cursus betalen en hoe lang duurt het traject.

Wat betekent dit voor de cursist en het onderwijs?

Als een taalaanbieder de succesfactor ‘maatwerk’ intensief toepast, dan merkt de cursist hier dus al iets van tijdens zijn intakegesprek. De intaker stelt vragen om erachter te komen welk leerprofiel een cursist het beste past, wat zijn onderwijsachtergrond is en wat de doelen van de cursist zijn. Deze uitstroomdoelen worden dan vertrekpunt van het traject en elk deel van het traject heeft duidelijke samenhang met deze doelen.

Hoe wordt deze succesfactor gemeten?

In gesprekken met de coördinator onderzoekt de observator hoe deze succesfactor wordt vormgegeven. Hij vraagt naar de verantwoordelijke voor de intake en zijn taken, de inhoud van intake (waar stelt de intaker vragen over), of er gebruik gemaakt wordt van een toets en op basis van welke gegevens het advies voor een traject tot stand komt.