11. Aandacht voor vorm

Wat is dit?

In het inburgeringsonderwijs ligt op dit moment een sterk accent op participatie, het voorbereiden voor cruciale praktijksituaties (CP’s) en het behalen van het inburgeringsexamen.  Wat we niet mogen vergeten, is dat taalleren  een proces is, waarin leerders soms gebaat zijn bij expliciete instructie en oefening van (deel-)vaardigheden, zoals woordenschat, uitspraak, grammatica en spelling. We denken dat onderwijs dat zich richt op deze taalonderdelen effectiever is dan onderwijs waarin dat minder of niet gebeurt.

Wat betekent dit voor de cursist en het onderwijs?

In lessen waarin aandacht voor vorm is, kunnen de cursisten dezelfde lesstof doorwerken. In het CP-onderwijs moeten ze bijvoorbeeld dezelfde rollenspellen doen. De docent bekijkt niet alleen of de inhoud van het rollenspel goed naar voren komt, maar besteedt ook expliciet aandacht aan de manier waarop de cursisten dit doen: gebruiken ze de goede woorden, hebben ze de goede zinsintonatie te pakken? Cursisten merken dat de docent minder snel tevreden is, waardoor zij uitgedaagd worden goed te spreken.

Hoe wordt deze succesfactor gemeten?

De onderzoeker observeert in een les of en in welke mate de docent aandacht heeft voor vorm. Daarbij kijkt hij hoe het leren van woorden aan bod komt, welke aandacht er is voor uitspraak en hoe de regels van de taal aan bod komen. Belangrijk hierbij is dat dit op het niveau van de cursist gebeurt en dat de docent kiest wat functioneel is voor de cursisten.